21 + 23 mei 2011, Paradiso, Amsterdam
Na een lange eerste dag van London Calling is het vroeg op de avond al weer tijd voor het eerste optreden van de tweede dag van London Calling en tevens de vierde dag van Indiestad. Ingewikkeld allemaal. Op het podium staat het Britse duo 2.54 – dat verwijst naar hun favoriete moment op ‘The Bit Where It Gets Good’ van de Melvins – klaar voor hun optreden. Voor de gelegenheid treden de zussen vandaag op met een drummer en bassist en samen maken ze mooie dromerige rock nummers. Een meer dan goed optreden van een band met de nodige potentie – en ze hebben nog geen EP of cd uitgebracht.

De volgende band die klaar staat in de Bovenzaal van Paradiso is het Britse Flashguns en meteen bij aanvang van het optreden is het duidelijk dat de zang van deze indierock band niet voor iedereen weggelegd is. Verschillende nummers van het nog uit te komen debuutalbum komen voorbij en ondanks de zang wordt het alsnog een goed optreden.
Ra Ra Riot is een Amerikaanse indierock band en vanavond mogen ze het eerste optreden in de al goed gevulde Grote Zaal geven. De combinatie van rock met viool en cello voegt zeker iets toe aan het genre, maar kwalitatief weet de band niet boven het gemiddelde uit te stijgen.

In de Bovenzaal staat even later Dry the River uit Londen. De band maakt mooie Americana / indierock en opent sterk. Na enkele nummers neemt het niveau af en verslapt de aandacht, maar met de opmerking: “Dit is ons laatste optreden en daarvoor is Paradiso de meest geschikte plaats.” (vanwege het einde van de wereld, later vanavond), is de aandacht weer helemaal terug en het goede – maar niet heel bijzondere – optreden wordt met een fijn nummer afgesloten.

Cults is een internet hype en heeft om die reden de zware taak om het Indiestad publiek te overtuigen in een volle Grote Zaal. De band maakt langzame, maar dansbare indiepop en de goede zang valt op. Helaas staat het geluid van de bas veel te hard waardoor er van het overige geluid te weinig te horen valt. Onverwachts heeft de band weinig interactie met het publiek en is er op het podium weinig te beleven. Een goed optreden van een band die zich ondanks de hype nog steeds moet bewijzen.

Het Schotse Sparrow And The Workshop zijn de vervangers van Summer Camp en dat is niet zo heel erg, gezien het niet al te opvallende optreden van Summer Camp vorig jaar op London Calling. Sparrow And The Workshop is een folk/rock formatie en ze beginnen het optreden goed. Dit niveau weten ze het gehele optreden vol te houden, al zijn er geen echte uitschieters.

Van de muziek van de The Crookes moet je houden. Liefhebbers van The Kooks zullen de muziek ongetwijfeld mooi vinden, maar voor anderen is het minder makkelijk te behappen. De Britse band gaat enthousiast van start en de liefhebbers gaan los, maar na drie nummers is het tijd om naar de Bovenzaal te vertrekken.
In de Bovenzaal staat er iets pittigers op het programma: het Amerikaanse Cloud Nothings. De indie pop/rock gaat goed van start en al snel ontstaat er een mooie pit. Met af en toe een mooie uitschieter weet de band dit niveau door te trekken tot het einde van dit bovengemiddelde optreden.

Wild Beasts is een indiepop band uit Engeland die opvalt doordat de stem van één van de zangers van een vrouw zou kunnen zijn. Het optreden begint goed en in de Grote Zaal wordt er voorzichtig gedanst. Maar al snel neemt de aandacht af omdat de nummers net niet spannend genoeg of te weinig afwisselend zijn. En dan is een set van een uur gewoon te lang. Een goed, maar geen uitzonderlijk optreden.

De Bovenzaal is stampvol als het Australische Cloud Control aan het optreden begint. De eerste rijen staan vol met fanatieke fans. Muzikaal gezien is deze folk/rock band niet al te spannend en deze band weet zich op London Calling niet echt te onderscheiden.
In de Grote Zaal mag Twin Shadow proberen het niet al te hoge niveau van deze tweede dag van London Calling op peil te brengen, maar deze indiepop band lukt dat helaas niet op alle fronten. De podiumpresentatie is dik in orde met de op Freddie Mercury lijkende – een beetje fantasie mag – frontman George Lewis Jr. Een deel van het publiek gaat ook goed los, maar muzikaal gezien is het toch wat te rechtlijnig.

Het laatste optreden van London Calling is Ty Seagal. Garagerock zie je niet veel op London Calling, dus laat maar komen. Ty Seagal is een productief type die in verschillende bands speelt en veel muziek uitbrengt. De band gaat vanaf de eerste minuut los. En het publiek ook. In een mum van tijd ontstaat er een lekkere pit en een enkeling probeert te crowdsurfen. Maar ook deze keer wordt er hard ingegrepen door de security. Na een lekkere toegift onder een goedkeurende blik van Paradiso komt er een einde aan dit lekkere optreden. Veruit het beste van de dag.

Indiestad dag 6:
Op papier één van de hoogtepunten van Indiestad is Caribou, een Canadese wiskundige die met zijn elektronische cd "Swim" door wist te breken. Live wordt Dan Snaith ondersteund door een volledige band. Op het podium blijkt Snaith een introverte man en ook de overige bandleden zijn geen podiumbeesten. Voor dit optreden blijkt dit weinig uit te maken, want de volle zaal gaat vanaf het eerste nummer helemaal in de dansbare muziek op. Toppers als ‘Odessa’, ‘Sun’ en persoonlijk favoriet ‘Jamelia’ komen voorbij en de lekkere drumpartijen voegen duidelijk wat toe. Ook het geluid is dik in orde. Dit was een heel goed optreden dat duidelijk naar meer smaakt.

The Jezabels timmerden flink aan de weg tijdens het showcase festival The Great Escape vorige week met strakke optredens. Vanavond staat het Australische viertal als afsluiter van de dag in de goed gevulde Bovenzaal van Paradiso. Het publiek bestaat naast Nederlanders uit een redelijk aantal Australiërs, die hun landgenoten fanatiek aan het aanmoedigen zijn. Sterke nummers als ‘Hurt Me’, ‘Macy Spray’ en ‘Dark Storm’ komen voorbij. Toch blijkt dat de band nog niet voldoende repertoire heeft om een lang optreden te geven – maar later dit jaar komt het debuutalbum uit en dan zal dit probleem waarschijnlijk verholpen zijn. Het geluid in de Bovenzaal is niet al te best: de in potentie hele mooie stem van zangeres Hayley Mary valt door de brei aan geluiden amper te onderscheiden en ook heeft Mary qua timing de nodige problemen. Neemt niet weg dat dit een meer dan goed optreden was van een band met veel potentie.

Dit was een geslaagde eerste editie van Indiestad, de volgende acts wisten de meeste indruk te maken: Gold Panda, Braids, Ty Seagal en Caribou. Iets onder dit niveau, maar duidelijk boven het gemiddelde, zaten Toro Y Moi, Cat's Eyes, Ariel Pink's Haunted Graffiti, 2.54 en The Jezabels. Een stad als Amsterdam – met zijn achterland – heeft gezien de grote belangstelling duidelijk behoefte aan een festival als dit en het is te hopen dat Indiestad, net als London Calling, een tweejaarlijks evenement gaat worden. Tot de volgende keer alvast.
Tekst + Foto's: Remco Brinkhuis













